Gisterenavond kon ik mee met een luchtballon van de firma 'Air Events' uit Beselare, een gecombineerd vaderdag-verjaardagsgeschenk! We vertrokken vanaf het grasplein achter de site 'Ieper Business Park'. Na wat uitleg over het ballonvaren en het opblazen van het 25-meter lange canvas, mochten we de mand inklimmen en na ettelijke secondes verlieten we de aarde. In een mum van tijd bewoog de 'Deleye-ballon' zich een 100-tal meters boven de grond en bewogen we ons over de stad. Een prachtig zicht ontplooide zich mede dankzij het mooie weer en een prachtige avondzon. Vanuit dit hoge uitkijkpunt zoek je direct naar gekende plaatsen. Al snel vonden we de Menenpoort, de Grote Markt, de Lakenhalle, de kathedraal en andere kerken. Het enige geluid zijn blaffende honden en de gasblazers juist boven ons hoofd. Vanwege de warme uitstoot is het er niet koud. Met een snelheid van 10 km per uur zweefden we richting Voormezele en Wijtschate. Na een uur vliegen keek Johan, onze piloot uit naar een geschikte landingsplaats, liefst ergens in een weide nog op het Belgisch grondgebied. We landden bij een boer tussen Mesen en Wulveringem. Na een uitermate zachte landing komen al snel wat nieuwsgierige omstaanders de ballon en bijhorende mand bekijken. Nadien werden we allen genodigd aan een kleine dis vol jenever, champagne en versnaperingen. Het is echt een hele mooie belevenis, zonder gevaar. Een crew van enkele helpers is steevast in de omtrek, hoogte dient niet gevreesd te worden en opstijgen en landen is geen hachelijk gedoe. Proficiat aan 'Air Events', een aanrader!
Na enkele boeken van de Noord-Noorse schrijfster Wassbo gelezen te hebben, ben ik terug de bib in gedoken en er nog een paar lijvige banden gaan lenen. Ik kick op haar vertelstijl vol poëtische beelden (die het verhaal echt niet stremmen), op haar opbouw van het plot, de haarscherpe tekening van de hoofd- en nevenfiguren, kortom de smaak en geur van haar taal fascineren me. ik hoop dat het niet wordt zoals met de boeken van Palmer. Daar was ik ook verzot op maar na er vijf gelezen te hebben kwamen dezelfde patronen steeds terug zodat het lezen voorspelbaar werd. Daar houd ik dus niet van, dat het lezen een karwei wordt.
'De zevende ontmoeting' is reeds mijn derde Wassbo-boek. Het verhaal gaat over het leven van twee jonge mensen dat vanaf hun prille jeugd met elkaar verweven wordt. De schrijfster doet dit op een geniale wijze, vol literair contrapunt. De strijd van de jonge Rut om als kunstenares een eiland in het noorden van Noorwegen te ontvluchten, is het hoofdthema. Onbewust gaat ze op zoek naar een alter ego dat ze meent te vinden in de zoon van een rijke handelaar, Gorm. Op een haarscherpe manier wordt het de lezer duidelijk hoe een adolescent kan worstelen met de eigen identiteit.
Per toeval ben ik op de boeken van de Noord-Noorse schrijfster Wassbo gebotst. Deze auteur heeft een sterke en meeslepende poëtische stijl. Haar hoofdfiguren zijn meestal jonge meisjes die met een psychologisch probleem worstelen. De verhalen rond het misbruikte meisje Tora zijn in een trilogie vervat. Het Boek Dina werd uitgeroepen tot haar beste boek. Wassbo kreeg dan ook menige prijs toebedeeld.
Onlangs las ik een artikel in Humo over de Nobelprijswinnares literatuur van 2009, Herta Müller. In de bib vond ik haar 'Ademschommel', een relaas over de Duitse Roemenen die na de 2° Wereldoorlog door de Russen worden meegevoerd. De hoofdfiguur Leo komt terecht in een kamp waar hij 5 jaar dwangarbeid verricht. Haar stijl is poëtisch, verhullend maar zeer efficiënt. Ze geeft aan materiële zaken menselijke eigenschappen, pijn en onderdrukking worden niet omschreven maar aangevoeld. Vooral de honger krijgt veel aandacht en doorheen het boek wordt als het ware ongemerkt de tijd vertraagd. Een sterke schrijfster die geen blad voor de mond houdt.
Er net even op uit geweest richting Apeldoorn. Doel was het Köller-Müllermuseum te Otterlo. Via internet hadden we een hotel gespot te Beekbergen, het Smittenberghotel. Het weer zat mee en we kregen zowaar gratis twee dagen vol zon en 20 C°. Op onze eerste dag bezochten we Apeldoorn en bleven maar zoeken naar een compact centrum, elke stad heeft toch zoiets? Te Apeldoorn dus even niet, enkel een modern stadhuis en veel winkelstraten. In 'De Slegte' vond ik het levensverhaal van Dimitri Shostakovitch, wat ik nu aan het lezen ben, naast 'Dagboek voor vier handen' van Benoîte Groult en een 'Inleiding op de muzikale pedagogiek' van Marcel Lequeux. Dan maar de luwte opgezocht van Beekbergen waar we geen afdoend middel vonden om onze honger te verdelgen. Iets verder in Hoenderlo probeerden we één van die Pannenkoekhuisjes om een streekgerecht te proberen. Stel je een pizza voor maar dan met een pannenkoekbodem en klaar is kees. Even Hoenderlo uitgewandeld om versleten van de lange rit nog wat tv te gapen en in te slapen. 's Anderendaags vonden we het 'Veluwepark' en het desbetreffende museum. Na twee uur aandacht voor tal van schilderijen en sculpturen (veel Van Gogh en voorbij snellende, fotograferende Japanners gezien) was een picknick welkom. Na de middag wat gefietst (de witte fietsen in het park zijn er gratis) en de beeldentuin gaan bezien. Na nog een uur, zalige koffie en nog enkele zalen uit het museum. Om 16 uur was het tijd om in de omgeving van Utrecht wat in de files te staan en huiswaarts te keren.
De cello is een instrument dat voor velen het dichtst de menselijke stem en ziel kan benaderen. Andromeda Romano schreef een boek dat de wereld van de cello in een beklijvend verhaal verpakte. De wereldgeschiedenis (en de Spaanse in het bijzonder), de muziek, fictie en non-fictie komen in 'De Spaanse strijkstok' tot een symbiose die de bijna 500 pagina's tellende turf, doet lezen als een trein. De hoofdfiguur Feliu Delargo, cellist, vertelt zijn levensverhaal en legt ons haarfijn uit wat hij gedurende zijn leven meemaakte, wat zijn doelen en beweegredenen waren en laat ons zelf concluderen wat ervan gekomen is. Deze protagonist heeft veel weg van de Spaanse cellist Pablo Casals. Er zijn raakpunten maar toch is hij het niet. Vele grote personen ontmoet hij in levende lijve: Sir Edward Elgar, Kurt Weill, Berthold Brecht, Franco en zelfs Hitler. In de bib viel me reeds de mooie foto van de frontpagina op. Een schaduwrijk kiekje van een vrouwelijke celliste. De cello ligt rank en slank tussen haar benen... Spijtig dat de speelster de strijkstok (wat toch het centrale object in het boek is) verkeerd vasthoudt: een schoonheidsfoutje.