15 april 2007

Crypte


Na een avondje strijkstokkengeweld in de Stadsschouwburg van Ieper: een gedecodeerd Kryptoskwartet.

Strijkkwartet

Stokken dansen
Een steekspellen-
Lied. Vier is het
Paswoord tot een
Gestreken web, snaren
Spannen zich
In.

Noten verlaten hun
Geschreven bolster, ze
Zien hun eigen ontpopping,
Gestorven larve.

Uit papier vallen
Eeuwenoude parels, ze

Verrotten in een

Fluisterend oor.

14 april 2007

De G van Haan


Wij, Westvlamingen, bourgondiërs en notoire introverten, hebben een spraakprobleem. Dat is ons ingebakken en dus moeilijk uit te roeien. Daardoor komt het dat bij het voordragen van gedichten of het voorlezen van één of andere tekst, de 'h'- en/of de 'g'-klanken steeds gewisseld worden. Het vraagt een ongewone concentratie om de woorden op een goeie wijze uit te spreken. Zo'n dingen vallen op als er tevens Nederlanders aan het woord komen. Die gorgelen extra, ook een gewoonte die hen in de oven aangeboren is.

To feel or not to feel


'Je pense donc je suis' is een mooie oneliner. Mij vergaat het meer als de titel hierboven. Zoals mijn longen zuurstof nodig hebben, heeft mijn zieltje kunst nodig. Bij het creëren wordt 'Le cerveau' wel gebruikt maar de alleenheerser is het gevoel. Als ik componeer of gedichten schrijf, staat de deur naar de emoties wagenwijd open en worden de ingevingen door de ratio geordend (al is dit soms maar voor 50%). In mijn nopjes voelde ik me dus alweer op de opening van de tentoonstelling 'taal&teken' in de westervleugel van de Lakenhalle. Daar vierde 'Ambrozijn' vzw gisterenavond zijn 25-jarig bestaan. Er werd een link gelegd tussen de vele kunstwerken en evenveel gedichten. Op het werk van Jean Paul Vanhove mocht ik een gedicht voorlezen. Op deze momenten waar het kunstvolle hoogtij viert, is er een positieve vloed aanwezig. Openheid en tolerantie krijgen er alle vrijheid. De ebbe is een mooie beweging. Er is niets aan te doen, ik weet het, na vloed komt ebbe.

11 april 2007

Nomaden

Vertrekken is de afspraak:
'ik ga' en blijven bewegen
is de boodschap, traag maar zeker
loopt een weg voor hun
neus en achterom zien
is moeders mooiste
gebod:

als je maar goed doet.

De afspraak is vertrokken.

09 april 2007

Bubbels


Zoals elk jaar in de vroege lente, krijg ik zonnebubbels. Als de zon warm genoeg schijnt, lees ik een boek op ons terras. Attributen zijn mijn zonnebril en af en toe mijn Matisse-zonnehoed. (A propos, ik trek me geen snars aan van die 'n' die eventueel na 'zonne' moet komen, die nieuwe spelling kan me geen barst schelen). Maar gegarandeerd komen dan 's avonds reeds rode bobbeltjes op de bovenkant van mijn beide handen, op de toppen van mijn beide oren en op mijn nek. Daar heb ik pigmenten te kort. Daar is een witte plek, als een woestijn op het aardoppervlak. Na enkele weken gaat dit gewoon weer weg en keert mijn huid naar zijn oorspronkelijke staat terug. Ter voorkoming heb ik al alles geprobeerd, zalfjes smeren tot wortelen eten: niets helpt. Dus aanvaard ik het maar als een lenteteken, een zonneteken van nieuw leven. Hoe meer ik lees, hoe meer het jeukt. Ondertussen is 'De geliefde van mijn moeder' van Urs Widmer erdoor en gaat de spiegelroman ervan er ook weldra aan geloven.

08 april 2007

Vogelière


Deze morgen was ik al op mijn paasbest wakker omstreeks 5.00. Ik zat waarschijnlijk met de eikoorts. Wat me toch eerst opviel, was het gekwetter van vele vogels. Onze geburen hadden vroeger een grote volière (vogelière in onze kindermond) en dat riep reminiscenties op. Sedert ze enkele jaren terug de grote populieren uit onze straat gevloerd hebben, komen vele vogels hun ochtendtoilet in onze tuin doen. Het hoge gefluit en getsjilp wordt obligaat ondersteund door de misthoorns van de duiven. Die zijn de koekoeksfagotten in het vogelorkest. Toen ik de laddestoors optrok, was het warempel al mist die de klok sloeg en verschoot ik me een bultje toen ik een rare witte vorm ontdekte in de boom van onze nevenwoner. Toen mijn ogen met de afstand gelijk gesteld waren, ontdekte ik de naam van deze dag: Pasen. Er lag een wit ei in de kruin van de appelaar. (Ik had eerder een peer verwacht:). In ongeëvenaarde analogie, legde ik op mijn kousevoeten een dozijn eitjes kriskras in de living. Buiten was het toch maar koud en nat, die eieren zouden toch maar wak en vies worden. (Nu nog wachten tot de kinderen opstaan om hun ontdekkingskreten te horen.)

06 april 2007

Boerejaar


Na de Provinciale Compisitiewedstrijd en de Koorwedstrijd Euprint te Leuven, zit ik nu in de finale van een orgelcompositiewedstrijd te Kampen in Nederland. Er zijn 6 van de 27 inzendingen weerhouden, waaronder mijn '...een vluchtig vuurtje wordt een waardig water...'. Opdracht was een orgelstuk van minder dan 15' te schrijven over de 4 elementen. Op 12 mei mag ik het gaan uitvoeren en dan zien we wel of er één van de 3 prijzen in ons mandje valt. Er schijnt een magnifiek orgel in de Bovenkerk te staan.