Was een druk weekend. Het startte met een avond georganiseerd door de Rotary Club Ieper rond orgaandonatie. Elke Belg is bij wet donor, maar als het erop aan komt, beslist de naaste familie nog steeds. Zo is er een stijgend tekort aan nieren, levers, harten etc. Publiekstrekker van de te lange avond was Jan Hoet. Hij was beter thuis gebleven want wat uit zijn mond kwam, waren luchtbellen. Zaterdag kwam Thé Lau met zijn intieme teksten op strijkkwartet, piano en gitaar de Lakenhalle vullen. Thé was zot van strijken, tangoïsmen, vrouwelijk schoon (want elke instrumentalist was een dame, uitgezonderd de vrouwelijke pianist zonder rok) en rauwe, onverstaanbare woordgebaren. Overgevoelig thema was de dood. Na een nachtelijke knipoog van de maan, deden we de abelen van Abele aan. Tussen deze statige bomen ontwaarden we de schilderijen van Reniere en Depla, de naakte heren van Jonkheere en een enthousiaste galerijhouder. Bij thuiskomst won Tom de bonen te Kuurne.
Zijn ellebogen
zijn handen,
zijn rug is een
hoofd vol kadavers
gespuwde woorden.
Lauw voelt zijn
gitaar aan zwepende
strijkstokken geplukte
hazewinden, rauw
knalt zijn keel
de stenen ver.
(Een celliste zocht
haar zacht zoenende
mond in de haren
van zijn hand.)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten