Kleefvast
vlinder ik
mijn vleugels
in de warmte
van haar
webranken.
Ze spuit
haar zuigend gif
in mijn wijnaders,
verwelkte schroom.
Tot een cocon
drink ik
mijn gevangen vrijheid.
Wachtend ademt
ze mij los,
ik droom me in
een wijdse roes
wakker.
20 december 2006
Velodroom
Van tijd tot tijd haal ik mijn stalen ros uit de stal en peddel graag eens een eindje door het omliggende landschap. Fietsen is als wandelen maar dan toch ietsje anders. Het ritme van het landschap is nadrukkelijker aanwezig, je glijdt als het ware door de akkers om je heen en je registreert beter de grote lijnen. De koude wind verfrist ook je hersenpan, ideëen vallen binnen, je wordt er gewoon rustig van. Dromen vormen zich als cirkels achter je ogen. (Feit is dat je ook nog oplettend genoeg moet zijn om geen dwaze dingen te doen in het verkeer.) De einder speelt ook een speciale rol, het geeft een eindpunt aan maar is toch relatief veranderlijk. Het denken en dromen past zich aan aan de grafiek van de omgeving. Een zalig gevoel als je thuis komt, als de lome benen tot rust komen en je in de zetel kunt namijmeren over de afgelegde weg en de opgedane herbronning.
18 december 2006
Oorgetuige

'Oorgetuige' vind ik een mooi poëtische benaming voor een weblog vol interessante nieuwsjes over hedendaagse klassieke muziek. Aankondigingen, interviews worden met zorg gebracht. Soms voelen wij ons, componisten, als marginalen in de maatschappij. We voelen ons reeds kantlijners in de kunsttak 'muziek in 't algemeen'. Een afzetmarkt voor onze creaturen is soms moeilijk te vinden. Nieuwe werken (als ze al ten gehore worden gebracht) , beleven een éénmalige uitvoering. Een creatie betekent vele malen een doodsbericht voor het te spelen stuk. Maar niet geklaagd, we worden nog uitgevoerd en dat is voor een toonkunstenaar, het voornaamste.
Cepia

Gisterenavond vond de proclamatie plaats van de Compositiewedstrijd van de Provincie West-Vlaanderen 2006. Opdracht was een werk te schrijven voor strijker en piano van max. 15'. Op de finale werden drie werken voor cello en piano vertolkt waaronder mijn 'Cepia' (midifile). De jury besliste dat er geen eerste prijs werd uitgereikt, een tweede prijs ging naar Frederick Neyrinck uit Wevelgem (proficiat!) een een derde prijs was ex aequo voor de beide Ieperlingen: Klaas Coulembier en ikzelf. Publieksprijs was voor Klaas. 'Cepia' was eerder een neo-romantisch werk, terwijl de beide andere composities zich bedienden van een modernere toonspraak. Ik vond het spijtig dat de de ingezonden stukken niet kort voorgesteld werden, er was ook geen programmaboekje. Wel waren de instrumentisten zeer gedreven en virtuoos in hun uitvoering. Ik heb uitermate genoten van hun prestatie en het applaus. Ook voelde ik me warm gesteund door de vele aanwezige vrienden.
Hier volgt een korte uitleg over mijn werk: 'Cepia' ontstond als titel uit het samentrekken van de eerste letters van de beide instrumenten. Sepia is een kleur van oude foto's, daarom gebruikte ik vele oudere vormen (sonate, variaties, canon, fuga, burleske...) en een oudere toonspraak (neo-romantisch, jazz...) om deze kleur te evoceren. De sepiakleur wordt gewonnen uit de inktzak van de inktvis: daarom een 4/4-maat en de toonspraak is gerelateerd aan het 8° uur uit de Toonklok van Peter Schat (de inktvis telt namelijk 8 armen).
17 december 2006
Rijm
Het is voor de eerste keer dit jaar, gerijmd. De morgen ligt als in een stille kramp. Er beweegt buiten niets, de bomen houden de adem in, alles heeft een semi-sneeuwige kleur en het ruikt naar kou. Er is geen zuchtje wind en het landschap wacht op meer zon. Warmtestralen zullen het witte jasje verwijderen en de wijdse naaktheid zal verdwenen zijn. Het is een vacuum dat haast op een gedicht zit te wachten, maar er zit ook een soort koudheid tussen mijn oren, 'Lady Inspiration' moet ook nog wakker worden... (Vrouwe Inspiratie is voor mij de bron van waaruit al mijn invallen opborrelen, ik hoef ze niet te zoeken, ze komen vanzelf, ik heb ze enkel op te schrijven en te verwerken. Deze ranke vrouwe kun je vergelijken met de jeugdige dame uit het schilderij van Jean-Auguste-Dominique Ingres: De Bron uit 1856.)
Na enkele uren viel dit in mijn schoot:
Dauwdruppels,
senioren van de
nacht. Gewillig
sterven ze de
morgenstond.
Gekrompen
trillen ze in
hun nopjes
hun blozende Eos
tegemoet.
16 december 2006
Oostende
Deze middag ben ik, samen met mijn zoon Pieter, naar de Petrus & Pauluskerk van Oostende gereden. Volgende week zaterdag speel ik er een orgelconcert en vandaag wilde ik de registratie uitproberen. Het grote Schyvenorgel is een interessant instrument met veel klankmogelijkheden. Het is steeds een genoegen om deze te smaken in de akoestiek en aan de structuren, melodieën en akkoorden van de te spelen composities. De stad was druk en een parkeerplaats werd niet direct gevonden. Een meevaller was de garage die organist Peter Ledaine ons bood, niet ver van de kerk. We oefenden 2 uur en reden daarna de Polders weer tegemoet. Het orgel zal een reisgenoot blijven tot aan het concert. Registers en klankkleuren zullen blijven ronddwalen in mijn hoofd. Het concert van zaterdag 23/12 zal voor mij weer een genoegen zijn, een mogelijkheid om me artistiek uit te drukken op één van de mooiste orgels van West-Vlaanderen.
15 december 2006
Assisi

Toen ik 19 jaar oud was, ben ik op reis geweest naar Assisi. Samen met nog een groep jongeren en enkele volwassenen uit Ieper en verder uit de Vlaanders. Op de foto zie je me als jongeling gitaar spelen. Dit op een klein binnenkoertje van een nonnenklooster te Assisi. Vooral de hitte van die zomer is me bijgebleven. Ook de lichtheid van het bestaan als onbezorgde adolescent. Beelden vallen binnen als de Monte Subasio, kannen ijswater en hopen pasta.
De foto kwam me nu in handen en opende de deur naar een warme vlaag nostalgie. Met dank aan Hendrik Dejonghe voor het kiekje.
De foto kwam me nu in handen en opende de deur naar een warme vlaag nostalgie. Met dank aan Hendrik Dejonghe voor het kiekje.
Abonneren op:
Posts (Atom)